Soorten zwammen: bruine eikenzwam

EikenzwamEikenzwamEikenzwamEikenzwam

[Donkioporia Expansa]

Deze schimmelsoort wordt aangetroffen in bvb. oudere eiken dakconstructies, alsook in vloerbodems, in kelders of op vensterbanken.

Herkenning van de schimmel

Mycelium: Het oppervlaktemycelium is wit, kussenvormig en vrij dik. Het wordt vervolgens geelachtig om later chocoladebruin tot roestbruin te worden. Het soepele mycelium verhardt bij ouder worden en geelbruine druppels worden afgescheiden.

Rhizomorfen: niet gevormd

Vruchtlichaam: onregelmatig van vorm, plaatvormig met een lederachtig tot houtig uitzicht, soms wratachtig en okerbruin van kleur. Het bestaat uit dunne fijne buisjes die als het ware in laagjes gestapeld liggen. Het vruchtlichaam blijft beperkt in grootte (ca. 15 op 10 cm in breedte en 2 à 3 cm dik). Donkioporia Expansa gaat niet steeds tot sporenvorming over.

Groeiomstandigheden en voorkomen

De bruine eikenzwam tast loofhout aan, voornamelijk eik en kastanje, maar kan ook naastliggend naaldhout beschadigen. Hij komt vaak voor op hout dat door continue lekkage nat blijft, vooral in de kopse gedeelten van balken die zich in natte muren bevinden. De aantasting kan binnenin het hout, gedurende lange tijd onopgemerkt doorgaan tot zich vruchtlichamen vormen. Donkioporia komt zeer vaak samen met de grote houtworm voor. Een geschikt vochtgehalte bedraagt 35 à 45% en de optimale temperatuur ligt bij 26 à 27°C. Zwakke groei is echter reeds mogelijk vanaf 10°C. Algemeen is Donkioporia een trage groeier; de totale houtafbraak voltrekt zich pas lang na het begin van de aantasting.

Uitzicht van het aangetaste hout

Dit is een witrotschimmel die vezelig rot veroorzaakt. Het hout wordt door aantasting bleker van kleur en bij het pletten tussen de vingers komen vezelbundels los. Zoals reeds vermeld komt de schimmelschade veelvuldig samen voor met aantasting door insecten zoals de grote houtworm.